Wilt u meer informatie over onze vereniging stuur dan een mail naar info@vvarnemuiden.nl. We zullen u zo snel mogelijk beantwoorden.
ARNEMUIDEN - Hoewel de bal voorlopig nog niet echt rolt, valt er komende week toch iets te vieren bij voetbalvereniging Arnemuiden. De club uit het vissersdorp bestaat op 26 november 75 jaar en in dat kader duikt het wandelend archief, gevormd door Joop van Belzen en Kees Theune, in het verleden.
Het jaar 1945 komt in veel geschiedenisboeken voor als het einde van de Tweede Wereldoorlog, maar kent in dat van Arnemuiden als oprichtingsjaar een minimaal net zo prominente plek. Toch werd er voor die tijd, namelijk in 1934, al gevoetbald. Toen dat door het uitbreken van de oorlog onderbroken werd, zag VV Arnemuiden, vlak na de oorlog pas echt het levenslicht.
,,Er werd gespeeld op drassige weitjes, op blote voeten, tegen Engelse en Schotse militairen. Toen ontstond het idee om toch weer een voetbalclub op te richten’’, memoreert de club in het jubileumboek ter ere van de 65ste verjaardag. De rest is geschiedenis.
Als er twee mensen in Arnemuiden zijn die de geschiedenis ademen, zijn het twee vrijwilligers van het eerste uur. Kees Theune heeft er inmiddels, onder andere als penningmeester en wedstrijdsecretaris, veertig jaar vrijwilligerswerk op zitten, terwijl Joop van Belzen in 1985 toetrad tot het bestuur. De eerste echte herinnering van Joop, met zijn 62 jaar de jongste van het stel, dateert uit 1967 (zie foto onder). Gooi er een kwartje in en hij begint met vertellen. ,,Ik was negen jaar oud. We speelden de kampioenswedstrijd tegen Jodan Boys, voor promotie naar de tweede klasse, toen het hoogste niveau op zaterdag.’’
Ondanks zijn nog jonge leeftijd, kan hij het zich goed voor de geest halen. ,,We verspeelden nog bijna het kampioenschap, dus waren we afhankelijk van de concurrentie. Ik was enorm onder de indruk van alles die dag, het was zo spannend.’’
Ook Kees, zes jaar ouder dan zijn kompaan, herinnert het zich nog. ,,Ik had een paraplu geschilderd in de clubkleuren. Het werd uiteindelijk 0-0, dat was genoeg om kampioen te worden.’’ Maar hoe, in een tijd zonder telefoons, de standen op de andere velden werden bijgehouden, weet Joop ruim vijftig jaar na dato eigenlijk nog steeds niet. ,,Toen had je niet de middelen zoals je die nu kent. We hadden niet eens een telefoon op de club volgens mij. Dat maakte het nog spannender.’’
Promotie naar het hoogste niveau betekende niet alleen verre uitwedstrijden, maar vooral bezoekjes aan schitterende complexen. ,,We moesten naar Ter Leede. Ik ging als klein jochie mee en er ging een wereld voor mij open. Ze hadden tribunes en weet ik veel wat, terwijl wij niet meer dan één veld en een paar krakkemikkige kleedkamers hadden’’, vertelt Joop. ,,Je had toen ook nog geen snelweg en volgens mij moesten zelfs de spelers betalen om met de bus mee te mogen.’’
Dat de eerste wedstrijd in de tweede klasse een uitwedstrijd was, zorgde voor opluchting bij Arnemuiden, weet Kees nog. ,,Dan kon ons bestuur even zien hoe dat ging, toentertijd hadden we niet eens een bestuurskamer.’’ En dus moest er voor een week later wat geregeld worden. ,,Samen met de korfbal hadden we vier kleedkamers, toen hebben we een kleedkamer mogen lenen, zodat we daar het bestuur van de tegenstander konden ontvangen.’’
Hoe anders is dat nu. Het is voor Joop één van de hoogtepunten. ,,Als je de ontwikkeling van het sportpark ziet. Allemaal door vrijwilligers. Dan ben ik trots op die saamhorigheid, dat past ook bij de club.’’ Al zorgde het alarmsysteem in de nieuwe kantine soms voor gebroken nachten, vertellen beide mannen. ,,Dat was in 1987 behoorlijk modern, maar we wilden wel veilig zijn. Dus werd een groep van vijf man, waaronder wij, gebeld als het alarm afging. Soms was dat midden in de nacht, stond je daar. Vaak was het nog vals alarm ook.’’
Kees Theune is legger van eerste steen
In de tweede klasse speelde Arnemuiden onder andere tegen Kozakken Boys en Noordwijk, maar toch is voor Kees, legger van de eerste steen bij de bouw van de kleedkamers, het succesvolle bekeravontuur in 1980 een hoogtepunt. ,,We wonnen van Kozakken Boys, HHC, Volendam en in de finale van Dovo. Er stond duizend man langs de lijn, in de finale zelfs tweeduizend. Het was de laatste landelijke zaterdagbeker, dus extra bijzonder dat we die wonnen.’’
Maar eigenlijk zorgt het verhaal van de halve finale tegen Volendam pas echt voor een blik van herkenning op het dorp, of toch niet? ,,Wim Geelhoed, voorstopper in die tijd, had eigenlijk militaire dienstplicht, maar wilde toch spelen. Na de wedstrijd werd hij meegenomen door de marechaussee.’’ Zijn jongere collega onderbreekt. ,,Dat was tegen Lokeren. Toen is Wim nog door Henk Spaan en Harry Vermeegen geïnterviewd.’’ Kees: ,,Het geheugen laat me soms in de steek, haha.’’ Maar vergeten doet niemand het in Arnemuiden, vertelt Joop. ,,Ik stond laatst in de supermarkt met Wim te praten, toen iemand zei: Hey, dat is toch die kerel die werd opgepakt door de marechaussee? Het leeft nog steeds.’’
De Meeuwen deed warming-up op het strand
Een gebeurtenis die beide mannen ook nog op het netvlies gebrand staat, is de ontmoeting met De Meeuwen, in 1970. ,,De Meeuwen was toen net gepromoveerd, maar ze waren een beetje het Ajax van het zaterdagvoetbal.’’ En dus werd alles uit de kast gehaald voor een goed resultaat. ,,De spelers deden de warming-up op het strand. Dus rond kwart over twee was er nog niemand op het veld te bekennen, een stukje koude oorlogsvoering. Het werd 0-0, daar waren we zeer tevreden mee’’, zegt Joop. Maar natuurlijk waren er in al die jaren ook dieptepunten, Kees heeft daar niet lang voor nodig. ,,De ongeregeldheden in 1993. Een supporter gooide een flesje het veld op, nadat er een opstootje was ontstaan. Toen heb ik mijn handen blauw getikt aan verweerschriften bij de KNVB.’’
De hechte groep vrijwilligers staat symbool voor de club, maar zorgt soms ook voor verdriet. ,,Als je samen een biertje doet, ontbreken er mensen aan de tafel. Die missen we.’’ Maar na tientallen jaren is de liefde voor de club nog altijd niet bekoeld. ,,Het is een deel van je leven. Arnemuiden staat voor fanatisme en meeleven met je club. Daar zijn we ‘fier’ op zoals we dat hier zeggen, een trotse club!’’
Bron PZC